background-shape
feature-image

Geschreven door Sander Dorigo op .

Een mooie aanleiding om dit stukje mee te beginnen is het nieuws dat Google een bedrijf overneemt dat zich specialiseert in kunstmatige intelligentie. Hoewel het ze vooral om het talent te doen lijkt te zijn is het een leuk onderwerp om eens over na te denken.

In boeken en science fiction is kunstmatige intelligentie altijd een soort “black box”. Er is een machine, en die kan praten en luisteren en slim antwoord geven, en hoe die machine dan wel niet werkt is een raadsel. Zelfs Isaac Asimov, die aan de wieg stond van wat wij tegenwoordig als “robots” zien kwam niet verder dan een paar technische termen en hier en daar wat referenties naar wiskunde. Ook William Gibson hield het daar een beetje bij. Kunstmatige intelligentie is er gewoon, en de schrijvers zijn vooral bezig met de eventuele gevolgen en spannende verhalen die dat oplevert.

In het echt is dat natuurlijk niet zo. We zijn nog lang niet zo ver.

Google, Facebook, Apple, Microsoft en de NSA streven allemaal naar kunstmatige intelligentie. Ze hebben namelijk een probleem: alle door hun verzamelde gegevens zijn niet meer beheersbaar. Hun verzameldrang overtreft hun analysecapaciteit. Ze reiken verder dan ze kunnen grijpen. Zelfs een bedrijf als VISA heeft al enkele terabytes (duizenden gigabytes) aan transactiegegevens. Puur en alleen van hun credit cards. Kan je je voorstellen hoeveel gegevens je hebt als je alle crashes van Windows gaat loggen? Microsoft doet dat, ter analyse, en het is een berg gegevens die niet in één datacenter past.

De meeste mensen krijgen hun “Mijn Documenten” al nauwelijks op orde. Hoevaak heb je weleens een account gemaakt op de een of andere website, om er bij je registratiepoging achter te komen dat je er al één had? Volgens mij heb ik me wel drie keer bij bol.com geregistreerd. Zelfs dat kan ik al niet bijhouden.

Bij alle bedrijven waar ik heb gewerkt bestond dit probleem. Archiefkasten vol zooi, dat is één. Harde schijven zijn nog veel erger. Mailboxen van ettelijke gigabytes, want er zal eens iets belangrijks in staan. Netwerkmappen vol ouwe rommel, want niemand weet wat het is of waar het toe doet. Dit zijn nog maar kleine voorbeelden. Hoeveel gegevens denk je dat Google wel niet heeft? “Big data” wordt “big bende”.

Nu wordt ook duidelijk waarom deze bedrijven op zoek zijn naar goede kunstmatige intelligentie. Er zit geen nobel doel achter, er komen geen Drie Wetten. De eindeloze bende die bestaat uit wat wij allemaal doen is niet meer te beheersen. Wat heb je aan al die gegevens als je er niks mee kan? Het digitale archief doet nu niet meer dan digitale stof vangen.

Wat zou het fijn zijn als er één interface was, één machine die je intelligente, menselijke vragen zou kunnen stellen over wat er allemaal te vinden is in die database. Welke patronen hebben we nog niet ontdekt? Wat valt er nog meer over mensen te leren?

De massa’s data die nu al zijn verzameld leiden tot niet veel meer dan slimme “keyword”-bevindingen: mensen die op “dieet” en op “afvallen” zoeken hebben vast geen interesse in McDonalds voer. Of juist wel, want zo hou je de afvalindustrie èn de afvalindustrie in stand. De door Google gevonden patronen zijn nog wel te doorzien: Google voorspelt met succes de reistijd naar plaatsen waar ik vaker kom. De Amerikaanse keten Target kan al voorspellen of iemand zwanger is aan de hand van het koopgedrag. Maar daar houdt het wel mee op. Een simpel trucje met veel variatie, maar een simpel trucje blijft het. Ik kijk met hoop en vrees uit naar wat er nog meer mogelijk is als er ècht wat met al die data wordt gedaan.

Terrorisme wordt er namelijk niet mee bestreden. De twee knullen die in Boston de marathon om zeep hielpen werden niet opgepikt, terwijl ze al in de kijkers van de FBI waren. Er is in de Verenigde Staten elke twee weken wel een schietpartij op een school. Ook niks. Die vent die een bom in zijn schoenen had verstopt kwam ook gewoon aan boord. De tot dan toe verzamelde gegevens lieten keer op keer zien dat er wel degelijk aanleiding zou zijn geweest om zo iemand van straat te plukken. Maarja, achteraf.

Ook kinderpornonetwerken worden er niet mee opgerold. Dat gebeurt nog met name dankzij toeval, aangiftes van slachtoffers, nog meer toeval, ouderwets speurwerk en een snufje geluk. Er is volgens mij nog nooit een pedofiel gearresteerd omdat zijn Google-historie verdacht was.

Mensen zijn bovendien een beetje advertentie-moe. De klikratios van advertenties zijn al sinds de uitvinding er van belachelijk laag. Maar zelfs de beginnende internetter trapt er niet meer in. Zou kunstmatige intelligentie kunnen helpen voorspellen wat mensen ècht willen? Ik ben benieuwd: zou ik dan op een luie zondagavond een pizza-aanbieding van mijn lokale pizzaboer kunnen krijgen? Vòòr ik ze zelf Google?

Er zijn mogelijkheden genoeg. Zoeken op steekwoorden wordt ouderwets gepruts. Zelf ben ik niet zo bang voor de almachtige kunstmatige mens die in films altijd wordt afgeschilderd als de slechterik. Daar was Isaac Asimov beter in; een robot hoeft geen bad guy te zijn om een mooi verhaal te kunnen vertellen.

De hoop is dat die kunstmatige intelligentie ook een beetje fatsoen krijgt ingebouwd. Een gevoel voor privacy en zelfbeschikking. Dus wel: “wat doen twintigers graag op zondagavond?” maar niet: “hoe krijgen we Sander koopverslaafd?”


Sander Dorigo